hooigat
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- afgemat, uitgeput
- gat in de zolder waardoor men het hooi naar beneden kan gooien
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hooigats | partitief, stellende trap |
Herkomst
samenstelling van hooi zn en gat zn
Woordfamilie van hooigat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hooigaten | meervoud | hooigat |
| hooigats | partitive, positive | hooigat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hooigat zijn vastgelegd.