hoofdstel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het tuig dat een paard om het hoofd gedaan wordt om het dier berijdbaar te maken, een paardenhoofdstel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hoofdstellen | meervoud |
| hoofdstelletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hoofdstelletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van hoofd en stel
Woordfamilie van hoofdstel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hoofdstellen | meervoud | hoofdstel |
| hoofdstelletje | verkleinwoord | hoofdstel |
| hoofdstelletjes | verkleinwoord meervoud | hoofdstel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hoofdstel zijn vastgelegd.