hoofdsom
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de hoogte van een factuur, rente en administratiekosten niet meegerekend
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- het oorspronkelijke bedrag van een schuld, te leen gegeven geldsom bij obligaties
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hoofdsommen | meervoud |
| hoofdsommetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hoofdsommetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van hoofd zn en som zn
Woordfamilie van hoofdsom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hoofdsommen | meervoud | hoofdsom |
| hoofdsommetje | verkleinwoord | hoofdsom |
| hoofdsommetjes | verkleinwoord meervoud | hoofdsom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hoofdsom zijn vastgelegd.