hennepzaad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- zaad van de hennepplant
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hennepzaadje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hennepzaadjes | verkleinwoord, meervoud |
| hennepzaden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van hennep en zaad
Woordfamilie van hennepzaad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hennepzaadje | verkleinwoord | hennepzaad |
| hennepzaadjes | verkleinwoord meervoud | hennepzaad |
| hennepzaden | meervoud | hennepzaad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hennepzaad zijn vastgelegd.