hekwerk
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het geheel van staven etc. waardoor een hek wordt gevormd, rastering of balustrade
- het achterste deel van het schip, het hek en wat daar bij behoort
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hekwerken | meervoud |
| hekwerkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hekwerkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van hek en werk
Woordfamilie van hekwerk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hekwerken | meervoud | hekwerk |
| hekwerkje | verkleinwoord | hekwerk |
| hekwerkjes | verkleinwoord meervoud | hekwerk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hekwerk zijn vastgelegd.