heggenschaar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een stuk tuingereedschap dat gebruikt wordt om heggen te snoeien
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| heggenschaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| heggenschaartjes | verkleinwoord, meervoud |
| heggenscharen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van heg en schaar met het invoegsel -en-
Woordfamilie van heggenschaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| heggenschaartje | verkleinwoord | heggenschaar |
| heggenschaartjes | verkleinwoord meervoud | heggenschaar |
| heggenscharen | meervoud | heggenschaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van heggenschaar zijn vastgelegd.