haarspit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- klein draagbaar aambeeld waarop men zeisen of zichten scherp kan maken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| haarspeten | meervoud |
| haarspitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| haarspitjes | verkleinwoord, meervoud |
| haarspitten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van haar ww en spit
Woordfamilie van haarspit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| haarspeten | meervoud | haarspit |
| haarspitje | verkleinwoord | haarspit |
| haarspitjes | verkleinwoord meervoud | haarspit |
| haarspitten | meervoud | haarspit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van haarspit zijn vastgelegd.