grasdak
zelfstandig naamwoord ˈɣrɑzdɑkBetekenis
- beplanting van de bovenkant van een gebouw met gras als bescherming tegen het weer
Hoe spreek je grasdak uit?
/ˈxrɑzdɑk/
Grasdak bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| z | zon |
| d | dak |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| grasdaken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van gras zn en dak zn
Woordfamilie van grasdak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| grasdaken | meervoud | grasdak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van grasdak zijn vastgelegd.