grachtenpand
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gebouw dat staat aan de kade van een gracht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| grachtenpanden | meervoud |
| grachtenpandje | verkleinwoord, enkelvoud |
| grachtenpandjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gracht zn en pand zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van grachtenpand
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| grachtenpanden | meervoud | grachtenpand |
| grachtenpandje | verkleinwoord | grachtenpand |
| grachtenpandjes | verkleinwoord meervoud | grachtenpand |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van grachtenpand zijn vastgelegd.