golem
zelfstandig naamwoord /'ɡolɛm/Betekenis
- (in joodse folklore) wezen in de vorm van een mens dat tot leven gewekt kan worden door een kabbalistische spreuk met de Godsnaam, in het bijzonder het wezen dat gecreëerd zou zijn door Jehoeda Löw ben Betsalel
- sukkel
Hoe spreek je golem uit?
/ˈgolɛm/
Golem bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| g | goal |
| o | boot |
| l | land |
| ɛ | bed |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- wezen in de vorm van een mens dat tot leven gewekt kan worden door een kabbalistische spreuk met de Godsnaam, in het bijzonder het wezen dat gecreëerd zou zijn door Jehoeda Löw ben Betsalel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| golems | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Hebreeuws, in de betekenis van ‘joodse sagefiguur, tot leven gebrachte kleifiguur’ voor het eerst aangetroffen in 1886
Woordfamilie van golem
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| golems | meervoud | golem |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van golem zijn vastgelegd.