gleuf
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een langgerekte opening of inkeping in iets
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- vrouw. pejorative
- vagina. euphemistic
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gleufje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gleufjes | verkleinwoord, meervoud |
| gleuven | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘spleet’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1858
Woordfamilie van gleuf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gleufje | verkleinwoord | gleuf |
| gleufjes | verkleinwoord meervoud | gleuf |
| gleuven | meervoud | gleuf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gleuf zijn vastgelegd.