gitaarspeler
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Iemand die (professioneel) de gitaar bespeelt.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gitaarspelers | meervoud |
| gitaarspelertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gitaarspelertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gitaar en speler
Woordfamilie van gitaarspeler
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gitaarspelers | meervoud | gitaarspeler |
| gitaarspelertje | verkleinwoord | gitaarspeler |
| gitaarspelertjes | verkleinwoord meervoud | gitaarspeler |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gitaarspeler zijn vastgelegd.