gietvloer
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een afwerklaag die op een dragende vloer wordt aangebracht door middel van het gieten van een stof die op de onderlaag uithardt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gietvloeren | meervoud |
| gietvloertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gietvloertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gieten zn en vloer zn
Woordfamilie van gietvloer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gietvloeren | meervoud | gietvloer |
| gietvloertje | verkleinwoord | gietvloer |
| gietvloertjes | verkleinwoord meervoud | gietvloer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gietvloer zijn vastgelegd.