gewrichtsband
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een band van bindweefsel om een gewricht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gewrichtsbanden | meervoud |
| gewrichtsbandje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gewrichtsbandjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van gewricht en band met het invoegsel -s-
Woordfamilie van gewrichtsband
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gewrichtsbanden | meervoud | gewrichtsband |
| gewrichtsbandje | verkleinwoord | gewrichtsband |
| gewrichtsbandjes | verkleinwoord meervoud | gewrichtsband |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gewrichtsband zijn vastgelegd.