gemenebest
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gemeenschap van onafhankelijke landen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gemenebesten | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘republiek’ voor het eerst aangetroffen in 1624
Woordfamilie van gemenebest
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gemenebesten | meervoud | gemenebest |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gemenebest zijn vastgelegd.