gehoor
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het systeem om te horen
- publiek bij een uitvoering
zelfstandig naamwoord — neuter
- het organische systeem om geluiden waar te nemen
- bereidheid om te luisteren
Herkomst
Naamwoord van handeling van horen met het voorvoegsel ge-
Woordfamilie van gehoor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gehore | neuter | gehoor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gehoor zijn vastgelegd.