gazet
zelfstandig naamwoordBetekenis
- klassiek massamedium, gedrukt op papier en gericht op het verspreiden van nieuws
zelfstandig naamwoord — masculine
- klassiek massamedium, gedrukt op papier en primair gericht op het verspreiden van nieuws
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gazetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gazetjes | verkleinwoord, meervoud |
| gazetten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘krant’ voor het eerst aangetroffen in 1615
Woordfamilie van gazet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gazetje | verkleinwoord | gazet |
| gazetjes | verkleinwoord meervoud | gazet |
| gazetten | meervoud | gazet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gazet zijn vastgelegd.