galop
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de snelste gang van een paard
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| galopje | verkleinwoord, enkelvoud |
| galopjes | verkleinwoord, meervoud |
| galops | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘snelle gang van paard’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1588
Woordfamilie van galop
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| galopje | verkleinwoord | galop |
| galopjes | verkleinwoord meervoud | galop |
| galops | meervoud | galop |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van galop zijn vastgelegd.