frisheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- jong, nieuw en nog niet vervallen of vermoeid
- verkoelend
- niet muf
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| frisheden | meervoud |
Herkomst
afleiding van fris en met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van frisheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| frisheden | meervoud | frisheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van frisheid zijn vastgelegd.