Friezin
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een vrouwelijke inwoner van Friesland, of een vrouw afkomstig uit Friesland
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| Friezinnen | meervoud |
| Friezinnetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| Friezinnetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Afgeleid van Fries met het achtervoegsel -in
Woordfamilie van Friezin
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| Friezinnen | meervoud | Friezin |
| Friezinnetje | verkleinwoord | Friezin |
| Friezinnetjes | verkleinwoord meervoud | Friezin |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van Friezin zijn vastgelegd.