fresco
zelfstandig naamwoordBetekenis
- muurschildering met waterverf op een verse laag kalk
- kamgarenstof, geschikt voor zomerkleding
- muurschildering
- koelte, frisheid
- versheid
- vers
- fris, koel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| freschi | meervoud |
| fresco's | meervoud |
| frescootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| frescootjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans In de betekenis van ‘muurschildering’ voor het eerst aangetroffen in 1604
Woordfamilie van fresco
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| freschi | meervoud | fresco |
| fresco's | meervoud | fresco |
| frescootje | verkleinwoord | fresco |
| frescootjes | verkleinwoord meervoud | fresco |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fresco zijn vastgelegd.