filiaalhouder
zelfstandig naamwoordBetekenis
- diegene die de leiding heeft over een filiaal van een winkelketen of van een grootwinkelbedrijf.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| filiaalhouders | meervoud |
| filiaalhoudertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| filiaalhoudertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van filiaal en houder
Woordfamilie van filiaalhouder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| filiaalhouders | meervoud | filiaalhouder |
| filiaalhoudertje | verkleinwoord | filiaalhouder |
| filiaalhoudertjes | verkleinwoord meervoud | filiaalhouder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van filiaalhouder zijn vastgelegd.