Naar de inhoud

fietsvakantie

vorm van vakantie waarbij men per fiets reist

fietsvakantie

zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. vorm van vakantie waarbij men per fiets reist

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
fietsvakanties meervoud
fietsvakantietje verkleinwoord, enkelvoud
fietsvakantietjes verkleinwoord, meervoud

Herkomst

samenstelling van fiets en vakantie

Woordfamilie van fietsvakantie

Woordvorm Relatie Afgeleid van
fietsvakanties meervoud fietsvakantie
fietsvakantietje verkleinwoord fietsvakantie
fietsvakantietjes verkleinwoord meervoud fietsvakantie

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fietsvakantie zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over fietsvakantie

Wat is de betekenis van fietsvakantie?
Fietsvakantie is een zelfstandig naamwoord. De betekenis is: vorm van vakantie waarbij men per fiets reist.
Wat is het meervoud van fietsvakantie?
Van fietsvakantie geldt: het meervoud is fietsvakanties. De volledige verbuiging staat in de tabel op deze pagina.
Wat is het verkleinwoord van fietsvakantie?
De verkleinvorm van fietsvakantie is fietsvakantietje, altijd met het lidwoord het. Het meervoud daarvan is fietsvakantietjes.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord fietsvakantie is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. I 1
  3. E 1
  4. T 2
  5. S 2
  6. V 4
  7. A 1
  8. K 3
  9. A 1
  10. N 1
  11. T 2
  12. I 1
  13. E 1
  14. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

fietsvakantie levert met Wordfeud minimaal 26 en maximaal 102 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. I 2
  3. E 1
  4. T 2
  5. S 2
  6. V 4
  7. A 1
  8. K 3
  9. A 1
  10. N 1
  11. T 2
  12. I 2
  13. E 1
  14. 26 zonder bonus
  15. 102 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

fietsvakantie in het kort

fietsvakantie staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Van fietsvakantie staan er 3 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort fietsvakantie bij een woordfamilie van 3 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

fietsvakantie: vorm van vakantie waarbij men per fiets reist
Deel fietsvakantie — standaardnederlands.nl