feestvierster
zelfstandig naamwoord ˈfes(t)firstərBetekenis
- vrouw die meedoet aan een feest
- vrouw die vaak of graag feest viert
Hoe spreek je feestvierster uit?
/ˈfestfirstər/
Feestvierster bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| e | veel |
| s | sok |
| t | tak |
| i | riet |
| r | rood |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| feestviersters | meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling van feestvieren ww met het achtervoegsel -ster
Woordfamilie van feestvierster
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| feestviersters | meervoud | feestvierster |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van feestvierster zijn vastgelegd.