exercitie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- oefening in wapenomgang, marcheren etc. van militairen
- een oefening in iets in het algemeen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| exercities | meervoud |
| exercitiën | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘militaire oefening’ voor het eerst aangetroffen in 1691
Woordfamilie van exercitie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| exercities | meervoud | exercitie |
| exercitiën | meervoud | exercitie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van exercitie zijn vastgelegd.