etter
zelfstandig naamwoord, werkwoord /ɛtər/Betekenis
- wittig vocht met witte bloedlichaampjes en bacteriën dat bij een ontsteking afgescheiden wordt
- een onaangenaam persoon
- de eerste (de persoon in de eerste plaats)
- daarna, nadat
- volgens
- (om positie, rang, tijd) na
- naar
Hoe spreek je etter uit?
/ɛtər/
Etter bestaat uit twee lettergrepen.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| etters | enkelvoud |
| ettertje | verkleinwoord, tweede persoon |
| ettertjes | verkleinwoord, enkelvoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van etteren
- gebiedende wijs van etteren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van etteren
Vervoeging van etter
etterhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘pus’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van etter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| etters | enkelvoud | etter |
| ettertje | verkleinwoord, 2e persoon | etter |
| ettertjes | verkleinwoord | etter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van etter zijn vastgelegd.