elpee
zelfstandig naamwoord ɛlˈpeBetekenis
- grammofoonplaat met doorsede van 30 cm, een speelduur van maximaal 30 minuten aan één zijde, die afgespeeld wordt met een snelheid van 33 1/3 toeren per minuut
Hoe spreek je elpee uit?
/ɛlˈpe/
Elpee bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɛ | bed |
| l | land |
| p | pak |
| e | veel |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| elpees | meervoud |
| elpeetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| elpeetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘langspeelplaat’ voor het eerst aangetroffen in 1966
Woordfamilie van elpee
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| elpees | meervoud | elpee |
| elpeetje | verkleinwoord | elpee |
| elpeetjes | verkleinwoord meervoud | elpee |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van elpee zijn vastgelegd.