dwangsom
zelfstandig naamwoord 'dwɑŋsɔmBetekenis
- een geldstraf als middel om het voldoen aan een gerechtelijke of bestuurlijke beslissing af te dwingen
Hoe spreek je dwangsom uit?
/ˈdwɑŋsɔm/
Dwangsom bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| ɔ | bot |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dwangsommen | meervoud |
| dwangsommetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dwangsommetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van dwang en som zn
Woordfamilie van dwangsom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dwangsommen | meervoud | dwangsom |
| dwangsommetje | verkleinwoord | dwangsom |
| dwangsommetjes | verkleinwoord meervoud | dwangsom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dwangsom zijn vastgelegd.