drie-eenheid
zelfstandig naamwoord driˈʔenhɛitBetekenis
- drie zaken of personen die samen een eenheid vormen
Hoe spreek je drie-eenheid uit?
/driˈenhɛit/
Drie-eenheid bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| r | rood |
| i | riet |
| e | veel |
| n | nek |
| h | hoed |
| ɛi | trein |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- drie zaken of personen samen als ondeelbaar geheel voorgesteld
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| drie-eenheden | meervoud |
| drieëenheid |
Herkomst
samenstelling van drie ht en eenheid zn , geschreven met een koppelteken volgens spellingregel 7.A
Woordfamilie van drie-eenheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| drie-eenheden | meervoud | drie-eenheid |
| drieëenheid | feminine | drie-eenheid |
| drieëenheden | meervoud | drie-eenheden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van drie-eenheid zijn vastgelegd.