draagdoek
zelfstandig naamwoord 'draɣdukBetekenis
- een stuk textiel dat je kunt gebruiken om iets (vaak een jong kind) te dragen
- een stuk textiel waarmee je een lichaamsdeel kunt ondersteunen
Hoe spreek je draagdoek uit?
/ˈdraxduk/
Draagdoek bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| r | rood |
| a | maan |
| x | acht |
| u | boek |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| draagdoeken | meervoud |
| draagdoekje | verkleinwoord, enkelvoud |
| draagdoekjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van dragen ww en doek zn
Woordfamilie van draagdoek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| draagdoeken | meervoud | draagdoek |
| draagdoekje | verkleinwoord | draagdoek |
| draagdoekjes | verkleinwoord meervoud | draagdoek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van draagdoek zijn vastgelegd.