dodaars
zelfstandig naamwoord ˈdodarsBetekenis
- een watervogel uit de familie van de futen met roodbruine nek
Hoe spreek je dodaars uit?
/ˈdodars/
Dodaars bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| o | boot |
| a | maan |
| r | rood |
| s | sok |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- bepaald soort watervogel, Tachybaptus ruficollis, met roodbruine nek
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dodaarsje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dodaarsjes | verkleinwoord, meervoud |
| dodaarzen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dot zn en aars zn , naar de pluk veren bij zijn achterste
Woordfamilie van dodaars
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dodaarsje | verkleinwoord | dodaars |
| dodaarsjes | verkleinwoord meervoud | dodaars |
| dodaarzen | meervoud | dodaars |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dodaars zijn vastgelegd.