dierenpark
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een park waarin dieren tentoongesteld worden, dierentuin, zoo, diergaarde.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dierenparken | meervoud |
| dierenparkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dierenparkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van dier en park met het invoegsel -en-
Woordfamilie van dierenpark
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dierenparken | meervoud | dierenpark |
| dierenparkje | verkleinwoord | dierenpark |
| dierenparkjes | verkleinwoord meervoud | dierenpark |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dierenpark zijn vastgelegd.