destijds
bijwoord, bijvoeglijk naamwoord /'dɛs'tɛits/Betekenis
- in die tijd
- wat destijds aan de orde was
Hoe spreek je destijds uit?
/ˈdɛsˈtɛits/
Destijds bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
Genitief van de tijd (des tijds).
Woordfamilie van destijds
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| destijdse | woordvorm | destijds |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van destijds zijn vastgelegd.