decrescendo
zelfstandig naamwoord, bijwoord ˌdekrɛˈʃɛndoBetekenis
- in afnemende sterkte
Hoe spreek je decrescendo uit?
/ˌdekrɛˈʃɛndo/
Decrescendo bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| k | kat |
| r | rood |
| ɛ | bed |
| ʃ | sjaal |
| n | nek |
| o | boot |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- een passage in een muziekstuk waar geleidelijk zachter gespeeld moet worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| decrescendo's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘afnemend in sterkte’ voor het eerst aangetroffen in 1772
Woordfamilie van decrescendo
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| decrescendo's | meervoud | decrescendo |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van decrescendo zijn vastgelegd.