danskoord
zelfstandig naamwoordBetekenis
- touw dat men gebruikt bij touwtjespringen
- draad waarover een evenwichtskunstenaar loopt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| danskoorden | meervoud |
| danskoordje | verkleinwoord, enkelvoud |
| danskoordjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van dans zn en koord zn
Woordfamilie van danskoord
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| danskoorden | meervoud | danskoord |
| danskoordje | verkleinwoord | danskoord |
| danskoordjes | verkleinwoord meervoud | danskoord |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van danskoord zijn vastgelegd.