dagverblijf
zelfstandig naamwoord 'dɑxfərblɛɪfBetekenis
- ruimte waar mensen of dieren overdag kunnen verblijven
- plaats waar kinderen, gehandicapten of ouderen overdag verzorgd en begeleid worden
Hoe spreek je dagverblijf uit?
/ˈdɑxfərblɛif/
Dagverblijf bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| f | fiets |
| ə | de |
| r | rood |
| b | bak |
| l | land |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dagverblijfje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dagverblijfjes | verkleinwoord, meervoud |
| dagverblijven | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dag en verblijf
Woordfamilie van dagverblijf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dagverblijfje | verkleinwoord | dagverblijf |
| dagverblijfjes | verkleinwoord meervoud | dagverblijf |
| dagverblijven | meervoud | dagverblijf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dagverblijf zijn vastgelegd.