dagdroom
zelfstandig naamwoord, werkwoord 'dɑɣdromBetekenis
- een fantasie voorstelling tijdens verlaagd bewustzijn zonder dat men al helemaal slaapt
Hoe spreek je dagdroom uit?
/ˈdɑxdrom/
Dagdroom bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| r | rood |
| o | boot |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dagdromen
- gebiedende wijs van dagdromen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dagdromen
Vervoeging van dagdroom
dagdroomhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van dag en droom