credo
zelfstandig naamwoord ˈkredoBetekenis
- apostolische geloofsbelijdenis
- belijdenis van een innige geloof of overtuiging
- motto
- geloof, overtuiging, credo
- geloofsbelijdenis, credo
Hoe spreek je credo uit?
/ˈkredo/
Credo bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| r | rood |
| e | veel |
| d | dak |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- belijdenis van een innig(e) geloof of overtuiging
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| credo's | meervoud |
Herkomst
van Latijn credo, in de betekenis van ‘geloofsbelijdenis’ voor het eerst aangetroffen in 1236
Woordfamilie van credo
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| credo's | meervoud | credo |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van credo zijn vastgelegd.