constitutie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gestel, lichamelijke gesteldheid
- grondwet
- oprichting, instelling
- samenstelling
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| constituties | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘grondwet’ voor het eerst aangetroffen in 1728
Woordfamilie van constitutie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| constituties | meervoud | constitutie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van constitutie zijn vastgelegd.