concurrentiebeding
zelfstandig naamwoordBetekenis
- verbod om in handel of bedrijf op zekere wijze werkzaam te zijn, bij overeenkomst opgelegd (vaak opgelegd na overnames)
- beding dat de werknemer, na afloop van de overeenkomst, geen dingen mag doen die de voormalige werkgever kunnen schaden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| concurrentiebedingen | meervoud |
| concurrentiebedingetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| concurrentiebedingetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van concurrentie zn en beding zn
Woordfamilie van concurrentiebeding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| concurrentiebedingen | meervoud | concurrentiebeding |
| concurrentiebedingetje | verkleinwoord | concurrentiebeding |
| concurrentiebedingetjes | verkleinwoord meervoud | concurrentiebeding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van concurrentiebeding zijn vastgelegd.