cartridge
zelfstandig naamwoord 'kɑːrtrɪtʃBetekenis
- inktpatroon voor een printer
- patroon voor een geweer of pistool
- uitwisselbare informatiedrager voor een computer
Hoe spreek je cartridge uit?
/ˈkɑrtrɪtʃ/
Cartridge bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| t | tak |
| ɪ | pit |
| ʃ | sjaal |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| cartridges | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘(inkt)houder’ voor het eerst aangetroffen in 1981
Woordfamilie van cartridge
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| cartridges | meervoud | cartridge |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van cartridge zijn vastgelegd.