buntgras
zelfstandig naamwoord 'bʏntxrɑsBetekenis
- een dicht pollen-vormende vaste plant die behoort tot de grassenfamilie
Hoe spreek je buntgras uit?
/ˈbʏntxrɑs/
Buntgras bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ʏ | put |
| n | nek |
| t | tak |
| x | acht |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- Corynephorus canescens een dicht pollen-vormende vaste plant die behoort tot de grassenfamilie
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| buntgrassen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bunt en gras zn
Woordfamilie van buntgras
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| buntgrassen | meervoud | buntgras |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van buntgras zijn vastgelegd.