buckskin
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord ˈbʏkskɪnBetekenis
- lichtgeelbruin leer dan van herten afkomstig is
- paard met een vale geelbruine kleur
- gemaakt uit hertenleer
- (van een paard) met een vale geelbruine kleur
- gemaakt uit bukskin
Hoe spreek je buckskin uit?
/ˈbʏkskɪn/
Buckskin bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ʏ | put |
| k | kat |
| s | sok |
| ɪ | pit |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als bukskin.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| buckskins | meervoud |
Woordvorm
- verouderde spelling of vorm van bukskin tot 1955
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| buckskins | meervoud |
bijvoeglijk naamwoord
- met een vale geelbruine kleur
Herkomst
m [1]: van Engels buckskin "huid van een hertenbok"