briefhoofd
zelfstandig naamwoord ˈbrifhoftBetekenis
- tekst bovenaan een brief met gegevens van de afzender en de geadresseerde en de datum van verzending
- opschrift op voorbedrukt briefpapier
Hoe spreek je briefhoofd uit?
/ˈbrifhoft/
Briefhoofd bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| r | rood |
| i | riet |
| f | fiets |
| h | hoed |
| o | boot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| briefhoofden | meervoud |
| briefhoofdje | verkleinwoord, enkelvoud |
| briefhoofdjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van brief en hoofd
Woordfamilie van briefhoofd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| briefhoofden | meervoud | briefhoofd |
| briefhoofdje | verkleinwoord | briefhoofd |
| briefhoofdjes | verkleinwoord meervoud | briefhoofd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van briefhoofd zijn vastgelegd.