bovenlaken
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het bovenste van de twee beddenlakens waartussen men slaapt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bovenlakens | meervoud |
| bovenlakentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bovenlakentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van boven en laken
Woordfamilie van bovenlaken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bovenlakens | meervoud | bovenlaken |
| bovenlakentje | verkleinwoord | bovenlaken |
| bovenlakentjes | verkleinwoord meervoud | bovenlaken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bovenlaken zijn vastgelegd.