Naar de inhoud

bouwvakker

een arbeider die werkzaam is in de bouw

bouwvakker

zelfstandig naamwoord 'bɔuvɑkər

Betekenis

  1. een arbeider die werkzaam is in de bouw

Hoe spreek je bouwvakker uit?

/ˈbɔuvɑkər/

Bouwvakker bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈbɔuvɑkər/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ɔ bot
u boek
v vis
ɑ bad
k kat
ə de
r rood
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
bouwvakkers meervoud
bouwvakkertje verkleinwoord, enkelvoud
bouwvakkertjes verkleinwoord, meervoud

Herkomst

In de betekenis van ‘iem. die in de woningbouw werkt’ voor het eerst aangetroffen in 1963

Woordfamilie van bouwvakker

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bouwvakkers meervoud bouwvakker
bouwvakkertje verkleinwoord bouwvakker
bouwvakkertjes verkleinwoord meervoud bouwvakker

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bouwvakker zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bouwvakker

Hoe spreek ik bouwvakker uit?
Zo spreek je bouwvakker uit: /'bɔuvɑkər/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van bouwvakker?
Bouwvakker is een zelfstandig naamwoord. De betekenis is: een arbeider die werkzaam is in de bouw.
Wat is het meervoud van bouwvakker?
Van bouwvakker geldt: het meervoud is bouwvakkers. De volledige verbuiging staat in de tabel op deze pagina.
Wat is het verkleinwoord van bouwvakker?
De verkleinvorm van bouwvakker is bouwvakkertje, altijd met het lidwoord het. Het meervoud daarvan is bouwvakkertjes.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bouwvakker is 27 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. O 1
  3. U 4
  4. W 5
  5. V 4
  6. A 1
  7. K 3
  8. K 3
  9. E 1
  10. R 2
  11. 27 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bouwvakker levert met Wordfeud minimaal 26 en maximaal 108 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. O 1
  3. U 2
  4. W 5
  5. V 4
  6. A 1
  7. K 3
  8. K 3
  9. E 1
  10. R 2
  11. 26 zonder bonus
  12. 108 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bouwvakker in het kort

bouwvakker staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Van bouwvakker staan er 3 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bouwvakker bij een woordfamilie van 3 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bouwvakker: een arbeider die werkzaam is in de bouw
Deel bouwvakker — standaardnederlands.nl