bootshaak
zelfstandig naamwoord 'botshakBetekenis
- ijzeren haak op een houten stok die men voor diverse doeleinden aan boord van een schip gebruikt
Hoe spreek je bootshaak uit?
/ˈbotshak/
Bootshaak bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| o | boot |
| t | tak |
| s | sok |
| h | hoed |
| a | maan |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bootshaken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van boot zn en haak zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van bootshaak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bootshaken | meervoud | bootshaak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bootshaak zijn vastgelegd.