boomtak
zelfstandig naamwoord 'bomtɑkBetekenis
- Deel van een boom dat ontspringt uit de stam of andere takken en eindigt voor de twijgjes waaraan de bladeren zitten.
Hoe spreek je boomtak uit?
/ˈbomtɑk/
Boomtak bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| o | boot |
| m | maan |
| t | tak |
| ɑ | bad |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| boomtakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| boomtakjes | verkleinwoord, meervoud |
| boomtakken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van boom zn en tak zn
Woordfamilie van boomtak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| boomtakje | verkleinwoord | boomtak |
| boomtakjes | verkleinwoord meervoud | boomtak |
| boomtakken | meervoud | boomtak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van boomtak zijn vastgelegd.