boodschappenjongen
zelfstandig naamwoordBetekenis
- jongste bediende van de laagste rang die allerhande klusjes voor anderen moet opknappen
- iemand die moet doen wat anderen zeggen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| boodschappenjongens | meervoud |
| boodschappenjongetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| boodschappenjongetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van boodschap zn en jongen zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van boodschappenjongen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| boodschappenjongens | meervoud | boodschappenjongen |
| boodschappenjongetje | verkleinwoord | boodschappenjongen |
| boodschappenjongetjes | verkleinwoord meervoud | boodschappenjongen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van boodschappenjongen zijn vastgelegd.