bondgenootschap
zelfstandig naamwoord 'bɔntxənotsxɑpBetekenis
- een verdrag tussen staat|staten, zakenpartners of individuen, omwille van een gemeenschappelijk voordeel
Hoe spreek je bondgenootschap uit?
/ˈbɔntxənotsxɑp/
Bondgenootschap bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| x | acht |
| ə | de |
| o | boot |
| s | sok |
| ɑ | bad |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- een verdrag tussen staten, zakenpartners of individuen, omwille van een gemeenschappelijk voordeel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bondgenootschappen | meervoud |
Herkomst
Afgeleid van bondgenoot met het achtervoegsel -schap.
Woordfamilie van bondgenootschap
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bondgenootschappen | meervoud | bondgenootschap |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bondgenootschap zijn vastgelegd.